direct naar inhoud van Toelichting
Plan: Buitengebied, West Maas en Waal correctie 2016
Status: concept
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0668.BUIcorrectie2016-BVA1

Toelichting

Hoofdstuk 1 Inleiding

1.1 Aanleiding

Bij besluit van 27 juni 2013 stelt de gemeenteraad van West Maas en Waal voor een groot deel van het gebied buiten de kernen het bestemmingsplan 'Buitengebied West Maas en Waal' vast. In dit bestemmingsplan zijn een aantal onvolkomenheden en/of onduidelijkheden geconstateerd. Door middel van een herziening zijn deze omissies hersteld. Bij besluit van 2 april 2015 is hiervoor het bestemmingsplan 'Buitengebied West Maas en Waal correctie 2014' vastgesteld.

Tegen het besluit van 2 april 2015 is beroep ingesteld. Bij uitspraak van 6 juli 2016 heeft de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State dit beroep gegrond verklaard en het besluit van de gemeenteraad vernietigd. De Afdeling Bestuursrechtspraak heeft de gemeenteraad opgedragen binnen 20 weken een nieuw besluit te nemen met inachtneming van het vermelde in de uitspraak.

De uitspraak van de Afdeling Bestuursrechtspraak heeft betrekking op het agrarische bouwperceel aan de Lageweg 13e te Dreumel. Het vrijstellingsbesluit op grond van artikel 19, lid 1, van de Wet op de Ruimtelijke Ordening (WRO) van 12 april 2011 heeft volgens de Afdeling een onjuiste/onvolledige vertaling gekregen het bestemmingsplan 'Buitengebied West Maas en Waal correctie 2014'.

Om tegemoet te komen aan de uitspraak Van de Afdeling worden in de voorliggende herziening van 'Buitengebied West Maas en Waal correctie 2014', de toelichting, de regels en verbeelding aangepast voor het perceel Lageweg 13e te Dreumel. De inhoud van 'Buitengebied West Maas en Waal correctie 2014' wordt overgenomen - alsmede de aanpassingen voor het perceel Lageweg 13e te Dreumel - in het voorliggende bestemmingsplan 'Buitengebied, West Maas en Waal correctie 2016'.

Het voorliggende bestemmingsplan biedt het juridisch-planologische kader voor de huidige ruimtelijke en functionele situatie. Daarbij zijn tevens de bestaande rechten zo goed mogelijk gerespecteerd. Het bestemmingsplan heeft gezien het voorgaande een conserverend karakter. Er worden geen nieuwe ontwikkelingen binnen de planhorizon (tien jaar) mogelijk gemaakt.

Dit bestemmingsplan sluit qua inhoud, methodiek en mogelijkheden aan op de bestemmingsplannen Buitengebied, West Maas en Waal en Buitengebied West Maas en Waal correctie 2014.

Het nieuwe bestemmingsplan voldoet aan de doelstelling van actuele en digitale bestemmingsplannen conform de Regeling standaarden ruimtelijke ordening 2012 die op 1 juli 2013 in werking is getreden waaronder de SVBP 2012.

1.2 Ligging en begrenzing plangebied

Deze herziening betreft aanpassingen in de toelichting, de verbeelding, de regels en bijlage 5 Rijksmonumenten van het bestemmingsplan "Buitengebied West Maas en Waal". Het plangebied van dit correctieplan omvat het gehele plangebied van het vastgestelde bestemmingsplan "Buitengebied West Maas en Waal". Binnen het plangebied worden tevens enkele percelen herzien. In paragraaf 2.4 wordt verder ingegaan op de details omtrent deze wijzigingen.

1.3 Leeswijzer

In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op de milieuaspecten.

Hoofdstuk 3 beschrijft de juridische aspecten van dit bestemmingsplan. Er wordt een verklaring gegeven over de Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen, de opzet van de bestemmingsregeling en de verbeelding en de inhoud van deze herziening.

In hoofdstuk 4 wordt de economische uitvoerbaarheid van dit bestemmingsplan behandeld.

Hoofdstuk 5 gaat in op de maatschappelijke uitvoerbaarheid, dat wil zeggen op welke wijze wordt omgegaan met overleg, inspraak en zienswijzen.

Hoofdstuk 2 Milieuaspecten

Tijdens de zitting van Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State is gebleken dat een deel van de bebouwing op het perceel Lageweg 13e te Dreumel is gebouwd buiten het bouwvlak. De gemeenteraad heeft ter zitting toegezegd te bezien of deze bebouwing in het bouwvlak kan worden opgenomen. Hierbij dient de raad de milieugevolgen voor de omringende burgerwoningen en de overige ruimtelijke gevolgen van een dergelijke aanpassing te onderzoeken.

Het bouwvlak voor het bedrijfsperceel Lageweg 13e te Dreumel is - in verband met het vorenstaande - in zuidelijke richting maximaal 2 meter vergroot en in westelijke richting maximaal 1 meter. De brochure Bedrijven en Milieuzonering geeft een richtafstand van 30 meter voor een akker- en fruitteeltbedrijf. In de omgeving van het bedrijf liggen verscheidende functies zoals wonen, bedrijventerrein en agrarische bedrijven. De locatie ligt in een 'gemengd' gebied. In dat geval mag de richtafstand worden verkleind naar 10 meter.

Het woonperceel Lageweg 26 te Dreumel met een woonbestemming ligt het meest nabij de bedrijfsbestemming van het fruitteeltbedrijf. Tot de grens van deze woonbestemming moet in ieder geval 10 meter in acht worden genomen. Aan deze norm - na vergroting van het bouwvlak - wordt voldaan.

Andere milieubelemmeringen zijn niet aanwezig.

Hoofdstuk 3 Juridische aspecten

3.1 Opzet bestemmingsplan

Vergelijkbare bestemmingsplannen

De Wet ruimtelijke ordening (inwerking getreden op 1 juli 2008) en de op grond van deze wet tot stand gekomen Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen (hierna SVBP 2008) geeft bindende standaarden voor de opbouw en de verbeelding van het bestemmingsplan, zowel digitaal als analoog, dit om de gewenste vergelijkbaarheid zeker te stellen. Met ingang van 1 juli 2013 zijn de nieuwe standaarden van de SVBP 2012 in werking getreden.

De standaarden hebben geen betrekking op de toelichting van het bestemmingsplan. De toelichting maakt immers - strikt juridisch gezien - geen deel uit van het bestemmingsplan.

De verbeelding van het bestemmingsplan bestaat uit een verzameling geografisch bepaalde objecten, die zijn opgeslagen in een digitaal ruimtelijk informatiesysteem. De objecten zijn voorzien van bestemmingen met bijbehorende doeleinden en regels. Er wordt uitdrukkelijk op gewezen dat de standaarden geen betrekking hebben op de inhoud van een bestemmingsplan.


Bestemmingen en aanduidingen

Het centrale onderdeel van een bestemmingsplan is de bestemming. Ten behoeve van een goede ruimtelijke ordening worden aan de in het plan begrepen grond bestemmingen toegewezen met bijbehorende doeleinden.

Aan de bestemmingen zijn regels gekoppeld over het gebruik van de grond en de bouwwerken die zich binnen de bestemmingen bevinden. Kenmerk van bestemmingen is dat het gehele plangebied ermee is bedekt.

Een bestemmingsplan kan ook dubbelbestemmingen bevatten. Deze overlappen bestemmingen en geven eigen regels, waarbij sprake is van een rangorde tussen de bestemmingen en de dubbelbestemmingen. De dubbelbestemmingen hoeven niet het gehele plangebied te bedekken.

Aanduidingen worden gebruikt om bepaalde zaken binnen een bestemming of dubbelbestemming nader of specifieker te regelen. Het gaat hierbij om specificaties met betrekking tot het gebruik of de bouwmogelijkheden. De aanduidingen hebben daardoor juridische betekenis en komen ook altijd in de regels van het bestemmingsplan voor.

Verbeelding

De verbeelding heeft een belangrijke rol bij het bepalen van de gebruiks- en bebouwingsmogelijkheden in het buitengebied. Daartoe zijn op de verbeelding bestemmingsvlakken en aanduidingen opgenomen.

Aan de ondergrondgegevens op de verbeelding, zoals ingetekende gebouwen, kunnen geen rechten worden ontleend. Daar staat tegenover dat het ontbreken van dergelijke ondergrondgegevens ook niet leidt tot een beperking van rechten. De ondergrondgegevens hebben dus uitsluitend een illustratief karakter. Deze gegevens zijn een hulpmiddel voor het bepalen van bestemmingsvlakken en bouwvlakken.

3.2 Bestemmingsregeling

Het voorliggende bestemmingsplan voorziet in een correctieve herziening op onderdelen van het bestemmingsplan "Buitengebied West Maas en Waal". Dit betekent dat de regels van het bestemmingsplan "Buitengebied West Maas en Waal" van toepassing worden verklaard op deze correctieve herziening, zij het dat de regels op onderdelen worden aangepast, zoals beschreven in de regels van deze correctieve herziening.


Opzet regels

De opbouw van de regels is gelijk aan Standaard Vergelijkbare Bestemmingsplannen 2012. De opbouw is als volgt:

  • Betekenisafspraken (Hoofdstuk 1 Inleidende regels);
  • De gebruiks- en bouwregels per bestemming (Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels);
  • Algemene regels (Hoofdstuk 3 Algemene regels);
  • Overige regels (Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels).

 

3.3 Inhoud correctieve herziening

Deze correctieve herziening betreft zowel aanpassingen van de verbeelding als enkele regels van het bestemmingsplan "Buitengebied West Maas en Waal".


Met deze herziening worden de volgende ambtshalve correcties doorgevoerd in het bestemmingsplan "Buitengebied West Maas en Waal".

Correcties op de toelichting

De voorwaarden voor herbouw bij recht als vermeld in 'Bestemmingsregeling' onder paragraaf 6.4.5 worden vervangen door:

  • de herbouw plaatsvindt binnen het bestemmingsvlak;
  • de herbouw van de woning is vanuit stedenbouwkundig en milieuhygiënisch oogpunt aanvaardbaar;
  • de belangen van de in de omgeving aanwezige functies en de waarden worden niet onevenredig geschaad.

Correcties op de verbeelding

  • De begrenzing van het bestemmingsvlak 'Wonen' van het perceel Elberseweg 1 te Appeltern was niet juist weergegeven en wordt aangepast;
  • De begrenzing van het bestemmingsvlak 'Bedrijf' van het perceel Bemerdweg 3 te Dreumel is aangepast omdat de toegangsweg niet was opgenomen binnen het bouwperceel.
  • De begrenzing van het agrarische bouwperceel Ruivertweg 3 en 3a te Dreumel is aangepast aan de situatie zoals die was in het bestemmingsplan van 1997.
  • Voor het perceel Lageweg 13e (sectie G, nrs. 2032 en 2212) te Dreumel is een agrarisch bouwperceel opgenomen met de aanduiding 'bedrijfswoning uitgesloten'. Op de gronden tussen het bouwperceel en de Lageweg mag geen bebouwing worden opgericht en hebben een 'specifieke bouwaanduiding uitgesloten - bebouwing'.

Correcties in de regels en bijlage

In artikel 1 is een tweetal begrippen opgenomen. Het eerste begrip 'plan' vermeldt de naam van het plan en het identificatienummer. In het tweede begrip is een omschrijving van het bestemmingsplan opgenomen en de toepassingverklaring van de regels van het bestemmingsplan Buitengebied West Maas en Waal, vastgesteld bij besluit van de raad van de gemeente West Maas en Waal d.d. 27 juni 2013 op het voorliggende correctieplan, voorzover daarin niet van afgeweken wordt.

A. In artikel 2 'Agrarisch - Oeverwal' worden de volgende wijzigingen doorgevoerd:

  • Voor het perceel Lageweg 13e (sectie G, nrs. 2032 en 2212) te Dreumel wordt in artikel 4.2.1 een sub f toegevoegd waarin de bouw van een bedrijfswoning niet wordt toegelaten. Verder wordt na artikel 4.2.2. een nieuw artikel 4.2.3 Geen bebouwing toegevoegd waarmee wordt geregeld dat op de gronden tussen het bouwvlak en de Lageweg geen bebouwing wordt opgericht;
  • Om de uniformiteit en de leesbaarheid van de regels te verbeteren wordt de inhoud van de artikelen 4.4.3 Vergroten inhoud bedrijfswoning binnen het gebouw en 4.4.5 Bouw verblijfsruimten voor zorgboerderij vervangen door de inhoud van respectievelijk de artikelen 3.4.3 en 3.4.5 , met aanpassing van de nummering.
  • Er wordt een nieuw art. 4.4.10 aan de afwijkingsregels toegevoegd om de bouw van een bedrijfswoning onder voorwaarden toe te staan op het agrarisch bouwperceel waar volgens de regels een bedrijfswoning uitgesloten is. De noodzaak van de bedrijfswoning moet op het moment van de aanvraag en op de lange termijn worden aangetoond door een door de gemeente aan te wijzen deskundige.
  • In art. 4.8.5, sub m wordt het begrip 'Wonen' vervangen door 'Bedrijf'.
  • De aanhef van art. 4.8.8 wordt gewijzigd om de leesbaarheid te verbeteren. De aanhef van artikel 4.8.8. luidt nu als volgt:

4.8.8 Wijziging glastuinbouwbedrijf in agrarisch bedrijf

Burgemeester en wethouders kunnen de functie-aanduiding 'glastuinbouw' verwijderen en ter plaatse een agrarisch bedrijf toestaan onder de volgende voorwaarden:

B. In artikel 3 'Agrarisch met waarden - Komgebied' wordt de volgende wijziging doorgevoerd:

  • Om de uniformiteit en de leesbaarheid van de regels te verbeteren worden de inhoud van de artikelen 5.4.3 Vergroten inhoud bedrijfswoning binnen het gebouw en 5.4.5 Bouw verblijfsruimten voor zorgboerderij vervangen door de inhoud van respectievelijk de artikelen 3.4.3 en 3.4.5, met aanpassing van de nummering.

C. In artikel 4 'Agrarisch met waarden - Uiterwaard' wordt de volgende wijziging doorgevoerd:

  • In artikel 6.8.3 Wijziging agrarisch bedrijf in niet-agrarische functie wordt lid b doorgehaald en de leden c tot en met n worden vernummerd in b tot en met m. De leden a en b waren inhoudelijk gelijk.

D. In artikel 5 'Bedrijf' wordt de volgende regeling opgenomen:

  • de regels van de bestemming 'Bedrijf' in artikel 7 van het bestemmingsplan "Buitengebied West Maas en Waal' zijn overeenkomstig van toepassing verklaard.

E. In artikel 6 'Sport' wordt de volgende wijziging doorgevoerd:

  • In artikel 16 Sport wordt een nieuw lid f toegevoegd om ondergeschikte horeca in sportkantines toe te staan.

F. In artikel 7 'Wonen' wordt de volgende wijziging doorgevoerd:

  • In artikel 21.4.6, sub c (Wonen) heeft een verschrijving plaatsgevonden daarom wordt het begrip 'bedrijfswoning' vervangen door 'woning'.

H. In artikel 9 is in de Algemene bouwregels een wijziging opgenomen.

  • De herbouwregeling voor woningen in artikel 34.1 wordt verruimd dat wil zeggen dat herbouw niet langer verbonden is aan de bestaande bebouwingscontour maar aan het bestemmingsvlak.

I. Aanpassing huisnummer in bijlage 5 Rijksmonumenten.

  • In de bijlage 5 Rijksmonumenten is onder nr. 1 het huisnummer Kerkdijk 3 in Alphen gewijzigd in Kerkdijk 5. Het betrof een onjuiste vermelding van het huisnummer.

Hoofdstuk 4 Economische uitvoerbaarheid

Er is geen sprake van een bouwplan conform artikel 6.2.1. Besluit ruimtelijke ordening, waarvoor op basis van artikel 6.12 Wet ruimtelijke ordening een exploitatieplan dient te worden vastgesteld. Het opstellen van een exploitatieplan is derhalve niet nodig.

Met de het ten uitvoering brengen van dit bestemmingsplan zijn geen gemeentelijke middelen gemoeid. De economische uitvoerbaarheid staat dan ook niet ter discussie.

Hoofdstuk 5 Overleg en inspraak (maatschappelijke uitvoerbaarheid)

Het voorliggende bestemmingsplan betreft een correctieve herziening van het geldende bestemmingsplan Buitengebied West Maas en Waal. De ambtshalve aanpassingen zijn ondergeschikt en de ruimtelijke relevantie hiervan is beperkt.

Bij de voorbereiding van het bestemmingsplan Buitengebied West Maas en Waal zijn alle bewoners van het buitengebied, andere belanghebbenden en de betrokken overheidsinstanties gevraagd een reactie te geven op het voorontwerp. Vanwege deze eerdere uitgebreide inspraak- en consultatieronde is daar van afgezien en is direct het ontwerp van het bestemmingsplan ter inzage gelegd.

5.1 Zienswijzen

Het ontwerpbestemmingsplan Buitengebied West Maas en Waal correctie 2014' heeft van 10 april 2014 tot en met 21 mei 2014 ter inzage gelegen. Gedurende deze periode heeft een ieder de mogelijkheid gehad om een zienswijze naar voren te brengen. Tijdens deze inzageperiode zijn 3 reacties ingediend. Deze reacties hebben geleid tot aanpassingen van het bestemmingsplan. Voor de inhoud hiervan wordt verwezen naar de bijlage Nota beantwoording zienswijzen bestemmingsplan Buitengebied, West Maas en Waal correctie 2014, van het Raadsbesluit.

De gegrondverklaring van het beroep en de vernietiging van het raadsbesluit bij uitspraak van 6 juli 2016 van de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State leidt er toe dat het bestemmingsplan opnieuw wordt voorgelegd aan de gemeenteraad voor vaststelling.

Er is afgezien om het ontwerp van dit bestemmingsplan opnieuw ter inzage te leggen omdat volledig tegemoet gekomen wordt aan de Afdeling Bestuursrechtspraak van de Raad van State opgelegde opdracht om een nieuw bestemmingsplan vast te stellen. Voorts wordt hiermee tegemoetgekomen aan de grieven van de appellanten in beroep. Belangen van andere burgers, bedrijven of instanties zijn niet in het geding bij dit correctieplan.