direct naar inhoud van Regels
Plan: Paraplubestemmingsplan 2021
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0851.sbgpBPparaplu2021-v001

Regels

Hoofdstuk 1 Inleidende regels

Artikel 1 Begrippen

In deze regels wordt verstaan onder:

1.1 plan

het bestemmingsplan “Paraplubestemmingsplan 2021” met identificatienummer NL.IMRO.0851.sbgpBPparaplu2021-v001 van de gemeente Steenbergen;

1.2 bestemmingsplan

de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen;

1.3 Staat van bedrijfsactiviteiten

een als bijlage bij deze regels behorende en daarvan onderdeel uitmakende lijst van bedrijven en instellingen;

1.4 Staat van horeca-activiteiten

een als bijlage bij deze regels behorende en daarvan onderdeel uitmakende lijst van horeca-activiteiten;

1.5 aard van een parkeerplaats

onder meer een openbaar of besloten parkeergelegenheid en een parkeergelegenheid voor personen met of zonder beperking;

1.6 huishouden

één persoon of meer personen die in vast verband samenleven en gebruik maken van dezelfde voorzieningen, waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid en continuïteit in de samenstelling ervan, in ieder geval niet zijnde kamerverhuur;

Hoofdstuk 2 Bestemmingsregels

Artikel 2 Herziening regels buitengebied

2.1 Bestemmingsplannen

Dit artikel is van toepassing op de volgende bestemmingsplannen:

2.2 Herziening

Voor de herziening gelden de volgende toepassingsregels:

  • a. het begrip huishouden uit dit paraplubestemmingsplan wordt aangevuld op de in artikel 2.1 opgesomde bestemmingsplannen;

met dien verstande dat:

  • b. de andere regels van de in artikel 2.1 opgesomde bestemmingsplannen buiten het toepassingsbereik van dit paraplubestemmingsplan vallen;
  • c. de verbeeldingen van de in artikel 2.1 opgesomde bestemmingsplannen buiten het toepassingsbereik van dit paraplubestemmingsplan vallen.

Artikel 3 Herziening regels stedelijk gebied

3.1 Bestemmingsplannen

Dit artikel is van toepassing op de volgende bestemmingsplannen:

3.2 Herziening

Voor de herziening gelden de volgende toepassingsregels:

  • a. het begrip huishouden uit dit paraplubestemmingsplan geldt als vervanging van het begrip huishouden uit de in artikel 3.1 opgesomde bestemmingsplannen dan wel als toevoeging;
  • b. de algemene afwijkingsregels uit dit paraplubestemmingsplan gelden als vervanging van de algemene afwijkingsregels uit de in artikel 3.1 opgesomde bestemmingsplannen;
  • c. de regels omtrent parkeergelegenheid uit dit paraplubestemmingsplan gelden als vervanging van op de regels omtrent parkeergelegenheid uit de in artikel 3.1 opgesomde bestemmingsplannen dan wel als toevoeging;
  • d. de staat van bedrijfs- en horeca-activiteiten uit dit paraplubestemmingsplan gelden als vervanging van de staat van bedrijfs- en horeca-activiteiten van de in artikel 3.1 opgesomde bestemmingsplannen;

met dien verstande dat:

  • e. de andere regels van de in artikel 3.1 opgesomde bestemmingsplannen buiten het toepassingsbereik van dit paraplubestemmingsplan vallen;
  • f. de verbeeldingen van de in artikel 3.1 opgesomde bestemmingsplannen buiten het toepassingsbereik van dit paraplubestemmingsplan vallen.

Hoofdstuk 3 Algemene regels

Artikel 4 Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Artikel 5 Algemene afwijkingsregels

5.1 Afwijken ten behoeve van maten en bouwgrenzen

Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van:

  • a. overschrijdingen van maten (waaronder percentages) met ten hoogste 10%; voor zover zulks van belang vanwege bouwkundige, stedenbouwkundige, welstandtechnische, duurzaamtechnisch, sociaalhuisvestelijke en/of cultuurhistorische overwegingen;
  • b. overschrijdingen van bouwgrenzen niet zijnde bestemmingsgrenzen, voor zover zulks van belang is vanwege bouwkundige, stedenbouwkundige, welstandstechnische, volkshuisvestelijke, sociaalhuisvestelijke en/of cultuurhistorische overwegingen;
  • c. de bevoegdheid tot afwijken wordt niet gebruikt, indien daardoor onevenredige afbreuk wordt gedaan aan gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
5.2 Afwijken ten behoeve van meer wooneenheden

Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van meer wooneenheden, mits:

  • a. het aantal wooneenheden past binnen de regionale woningbouwafspraken;
  • b. wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig artikel 6;
  • c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige kwaliteit;
  • d. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
5.3 Afwijken ten behoeve van andere woningtypen

Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van andere woningtypen (zoals vrijstaande, twee-aangebouwde, aaneengebouwde en gestapelde woningen), mits:

  • a. het aantal wooneenheden past binnen de regionale woningbouwafspraken;
  • b. wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig artikel 6;
  • c. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de stedenbouwkundige kwaliteit;
  • d. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
5.4 Afwijken ten behoeve van ander gebruik van bouwwerken

Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van ander gebruik van bestaande en/of nieuwe bouwwerken, mits:

  • a. in geval van een woonfunctie, het aantal wooneenheden past binnen de regionale woningbouwafspraken;
  • b. wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig artikel 6;
  • c. sprake is van een aanvaardbaar woon- en verblijfsklimaat ter plaatse van de bestaande en/of nieuwe bouwwerken;
  • d. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
5.5 Afwijken ten behoeve van ander gebruik van gronden

Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van ander gebruik van gronden, mits:

  • a. wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid overeenkomstig artikel 6;
  • b. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.
5.6 Afwijken ten behoeve van nutsvoorzieningen

Burgemeester en wethouders kunnen door middel van een omgevingsvergunning afwijken ten behoeve van nutsvoorzieningen, mits:

  • a. geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken.

Artikel 6 Overige regels

6.1 Parkeergelegenheid
6.1.1 Parkeernormen

Een omgevingsvergunning voor het bouwen, veranderen of uitbreiden van gebouwen wordt slechts met in achtneming van de volgende regels verleend:

  • a. er dient in voldoende parkeergelegenheid te worden voorzien overeenkomstig de geldende gemeentelijke beleidsregels parkeernormen;
  • b. aan een omgevingsvergunning kunnen voorschriften worden verbonden ten aanzien van de aard, de plaats en de inrichting van een parkeergelegenheid.

6.1.2 Afwijken van parkeernormen

Burgemeester en wethouders kunnen van artikel 6.1.1 afwijken, indien:

  • a. er een bijzondere omstandigheid zich voordoet;
  • b. er een bijzonder gemeentelijk belang zich voordoet;
  • c. aangetoond wordt dat met minder parkeergelegenheid kan worden volstaan;
  • d. aangetoond wordt dat op andere wijze in voldoende parkeergelegenheid kan worden voorzien.

Hoofdstuk 4 Overgangs- en slotregels

Artikel 7 Overgangsrecht

7.1 Overgangsrecht bouwwerken
  • a. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot,
    • 1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
    • 2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
  • b. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van lid a een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld onder 1 met maximaal 10%.
  • c. Lid a is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
7.2 Overgangsrecht gebruik
  • a. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
  • b. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in lid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
  • c. Indien het gebruik, bedoeld in lid a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
  • d. Lid a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.

Artikel 8 Slotregel

Deze regels worden aangehaald als:

Regels van het bestemmingsplan "Paraplubestemmingsplan 2021" van de gemeente Steenbergen.