Type plan: bestemmingsplan
Naam van het plan: Paraplubestemmingsplan Geitenhouderijen 2020
Status: ontwerp
Plan identificatie: NL.IMRO.1950.BP2002-on01
1 Inleidende regels
 
Artikel 1 Begrippen
 
1.1 plan:
het bestemmingsplan Paraplubestemmingsplan Geitenhouderijen 2020 met identificatienummer NL.IMRO.1950.BP2002-on01 van de gemeente Westerwolde.
 
1.2 bestemmingsplan:
de geometrisch bepaalde planobjecten met de bijbehorende regels en de daarbij behorende bijlagen.
Artikel 2 Wijze van meten
 
Dit bestemmingsplan herziet alle agrarische bestemmingen binnen alle actuele vigerende bestemmingsplannen van de gemeente Westerwolde, op de wijze zoals is omschreven in artikel 3. De regels van het plan zijn een aanvulling op de vigerende bestemmingsplannen. Voor het overige blijven de regels van de vigerende bestemmingsplannen onverminderd van toepassing.
2 Bestemmingsregels
 
Artikel 3 Aanvullende gebruiksregels
 
De gebruiksregels van alle agrarische bestemmingen van de vigerende bestemmingsplannen worden als volgt aangevuld:
 
3.1 Specifieke gebruiksregels
 
3.1.1 Strijdig gebruik
Tot een met de bestemming strijdig gebruik wordt in ieder geval gerekend:
  1. De vestiging en uitbreiding van de oppervlakte dierenverblijf ten behoeve van het houden van geiten, indien de vestiging of uitbreiding ziet op het houden van tenminste 10 geiten per inrichting;
  2. Het uitbreiden van het aantal geiten alsmede de omschakeling naar een geitenhouderij indien de uitbreiding of omschakeling ziet op het houden van tenminste 10 geiten per inrichting.
3.1.2 Geoorloofd gebruik
Tot een met de bestemming strijdig gebruik zoals bedoeld in artikel 3.1.1 wordt in ieder geval niet gerekend:
  1. het verlenen en gebruik maken van een omgevingsvergunning voor het oprichten van nieuwe agrarische bedrijfsgebouwen of het aanwenden van bestaande bedrijfsgebouwen of het uitbreiden van bestaande gebouwen die leidt tot een grotere staloppervlakte dan de bestaande stalvloeroppervlakte, indien deze omgevingsvergunning:
    1. noodzakelijk is om tegemoet te komen aan aangescherpte wettelijke eisen op het gebied van milieu of;
    2. ertoe strekt om het welzijn van de te houden dieren te vergroten door de netto voor het dier beschikbare leefruimte te vergroten;
mits het aantal te houden dieren zoals is vergund niet toeneemt.
3 Algemene regels
Artikel 4 Anti-dubbeltelregel
 
Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
4 Overgangs- en slotregels
  
Artikel 5 Overgangsrecht
 
5.1 Overgangsrecht bouwwerken
  1. Een bouwwerk dat op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan aanwezig of in uitvoering is, dan wel gebouwd kan worden krachtens een omgevingsvergunning voor het bouwen, en afwijkt van het plan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot,
    1. gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd;
    2. na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het bouwwerk is teniet gegaan.
  2. Het bevoegd gezag kan eenmalig in afwijking van het bepaalde in sublid a. een omgevingsvergunning verlenen voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk als bedoeld in het sublid a. met maximaal 10 %.
  3. Sublid a. is niet van toepassing op bouwwerken die weliswaar bestaan op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan, maar zijn gebouwd zonder vergunning en in strijd met het daarvoor geldende plan, daaronder begrepen de overgangsbepaling van dat plan.
5.2 Overgangsrecht gebruik
  1. Het gebruik van grond en bouwwerken dat bestond op het tijdstip van inwerkingtreding van het bestemmingsplan en hiermee in strijd is, mag worden voortgezet.
  2. Het is verboden het met het bestemmingsplan strijdige gebruik, bedoeld in sublid a, te veranderen of te laten veranderen in een ander met dat plan strijdig gebruik, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
  3. Indien het gebruik, bedoeld in sublid a, na het tijdstip van inwerkingtreding van het plan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden dit gebruik daarna te hervatten of te laten hervatten.
  4. Sublid a is niet van toepassing op het gebruik dat reeds in strijd was met het voorheen geldende bestemmingsplan, daaronder begrepen de overgangsbepalingen van dat plan.
Artikel 6 Slotregel
 
Deze regels worden aangehaald als: ‘Regels van het Paraplubestemmingsplan Geitenhouderijen 2020’ van de gemeente Westerwolde.